DierenPlaza.nl
Toevoegen aan Favorieten
Home
De Egel
Egels zijn bijzonder nuttige dieren, die hun leven voornamelijk in eenzaamheid slijten.
In de maanden mei en juni vormen mannetjes- en vrouwtjesegels paartjes en leven ze gedurende korte tijd samen.
Plusminus 35 dagen na de bevruchting worden de jongen geboren op een beschut plekje in een ‘bedje’ van bladeren, gras en mos.
Vader egel is dan al lang weer weg op zijn eenzame tocht door het leven.
Hij wacht niet op de geboorte van zijn 3 tot 6 egelkinderen.
De jongen zijn volkomen hulpeloos als ze geboren worden. Ze zijn dan nog blind,doof en vrijwel kaal.
Slechts enkele kleine witte stekeltjes zitten op hun ruggetje.
Na een paar dagen komen hier hardere grijs/bruine stekels bij, en na een maand nog weer hardere stekels.
Uiteindelijk heeft de egel als hij volwassen is plusminus 6000 stekels.
Vanaf de geboorte drinken de jongen melk bij hun moeder.
En na twee weken gaan hun oogjes pas open.
Volwassen egels kunnen redelijk goed zien, maar ontzettend goed horen en ruiken.
Egels van vier weken oud hebben ook al hele scherpe tanden.
Hun moeder neemt hen steeds mee als ze op zoek gaat naar eten.
Elke avond als de zon is onder gegaan gaat de familie egel op pad om eten te zoeken.
En eten kan van alles en nog wat zijn wormen, kevers, spinnen, slakken, jonge vogeltjes, muizen, salamanders, paddestoelen, vruchten en zelfs giftige slangen.
Als er egels in je tuin zitten, en je luistert goed, dan kun je ze horen.
Want ze snuffelen, proesten en smakken er wat af.
Als de jongen zes weken oud zijn drinken ze geen melk meer bij hun moeder maar zoeken ze hun voedsel zelf bij elkaar.
Ze maken steeds langere tochten om hun voedsel te vinden, gaan ook steeds verder weg, en komen op een gegeven moment niet meer terug naar het nest.
Soms komt een jong wèl steeds terug naar het nest.
Moederegel vindt dat niet leuk, en als dit te lang doorgaat jaagt ze haar jong gewoon weg.
En dan zijn alle egels alleen en op zichzelf aangewezen, en dat vinden ze kennelijk prettig.
Veel natuurlijke vijanden hebben egels niet.
Zodra egels onraad ruiken rollen ze zich op tot een balletje.
De kop, de pootjes en het staartje, die geen stekels maar alleen haren hebben, zijn dan niet meer te zien.
De meeste vijanden hebben ontzag voor de harde stekels van de egel en gaan gauw op zoek naar een andere prooi.
Alleen grote roofvogels, kerkuilen, vossen, dassen en honden kunnen een gevaar zijn voor de egel.
Vossen vangen egels soms op een hele slimme manier.
Ze kunnen niets beginnen met een egel die zich heeft opgerold, maar ze kunnen de egel wel wegrollen.
Vaak rollen ze een opgerolde egel in het water, waar de egel zich wel moet ontrollen wil hij niet verdrinken.
Hetgeen voor de vos het moment is om toe te slaan.
Verreweg de meeste slachtoffers onder de egels vallen echter doordat ze worden overreden door auto’s.
Ook land- en tuinbouwgif maakt veel slachtoffers, toch zijn egels ongevoelig voor veel giftige stoffen die voor de mens zelfs dodelijk zijn.
Stekende insecten en bijtende adders deren hen niet.
Egels eten en eten, zoveel als ze kunnen, de hele nacht door.
En in het najaar eten ze ook overdag, zodat ze in deze periode behoorlijk dik beginnen te worden.
Dat moet ook wel, want egels houden een winterslaap, en moeten de hele winter teren op hun vetreserves.
De meeste volwassen egels kruipen eind november in een holletje in de grond, dat helemaal bedekt is met bladeren.
De jonge egels wachten doorgaans tot eind december, maar dan kruipen ook zij in hun holletje.
Tijdens de winterslaap daalt de lichaamstemperatuur van egels van 35.5 naar 5 graden Celsius.
Hun hartslag daalt van 180 naar 9 slagen per minuut, en de ademhaling gaat van 45 naar 3 keer per minuut.
Op deze manier hebben egels maar weinig energie nodig voor de verbranding, en hebben ze genoeg vet om op te teren tijdens de winterslaap.
Eind april komen ze pas weer te voorschijn, en dan hebben ze ongeveer 25% lichaamsgewicht verloren.
Het eerste wat de egel doet als hij uit zijn winterslaap komt is weer zoeken naar eten.
Egels komen voor in Europa, Azië en Afrika.
In Amerika en Australië zijn ze niet, en het Amerikaanse stekelvarken is bepaald geen familie.
Egels kunnen bijna overal overleven ze wonen aan de randen van bossen, in parken en in dicht begroeide tuinen ze wonen in vlakke gebieden maar ook in de bergen ze wonen in een subtropisch klimaat zoals Spanje, Italië en Griekenland, maar ook in koudere streken zoals in het noorden van China. Egels worden 15 tot 30 cm. lang en ongeveer 15 cm. hoog.
Ze wegen 450 tot 1200 gram en worden 7 tot 10 jaar oud. In Nederland is de egel een beschermd dier.
Woont er een egel in je tuin of bij jou in de buurt, dan kun je daar natuurlijk rekening mee houden.
Om te beginnen moet je geen vergif gebruiken of bestrijdingsmiddelen, want daar kunnen egels aan dood gaan.
Ligt er een hoop bladeren in je tuin, hou er dan rekening mee dat hier een egel onder kan zitten.
Steek nooit zomaar een schop of greep in een hoop bladeren en steek zo’n hoop bladeren ook nooit zomaar in brand.
Er kan namelijk een egel onder zitten, en een bange egel loopt niet weg maar rolt zich op en zal levend verbranden.
Je kunt egels helpen door een plekje te creëren waar ze een nest kunnen maken.
Een flinke hoop afgevallen bladeren en takken op een schaduwrijke plek is natuurlijk geweldig.
Een schuin dakje er boven zodat het nest niet nat wordt is helemaal ideaal.
Zorg dat er voldoende ventilatie is, plaats de tuinafvalhoop niet in de zon, en leg er geen plastic over.
Egels in de tuin moet je niet voeren, en zeker GEEN MELK geven.
Als je niet zeker weet of een egel ziek is, neem hem dan niet mee.
Zieke egels rollen zich niet op bij aanraking, lopen moeilijk of vallen om.
De behoefte aan warmte is vaak groter dan de behoefte aan eten.
Zorg daarom voor een warme plek, bijvoorbeeld gemaakt van een doos met daarin in elkaar gefrommelde kranten en een warme kruik.
Onthoud heel goed waar je de egel hebt gevonden en zet hem op dezelfde plek weer terug als hij weer beter is.
Hier weet de egel de weg en kan hij beter overleven dan op een vreemde plek.
En vind je midden in de winter een egel die nog vrolijk rondloopt, help dan een plekje te vinden waar hij kan overwinteren.
Takken, bladeren, kranten en lappen kunnen tezamen een prima overwinteringplaats bieden.
Geef geen eten, want de darmen van een egel moeten ‘s-winters leeg zijn.
|
|